Uit de praktijk; Fleur in de stress

Fleur belde me op om een afspraak te maken. Ze werkt bij een organisatie die een raamcontract met me heeft afgesloten, speciaal voor medewerkers die een beroep op me willen doen voor één coaching sessie. Elke medewerker kan dan een afspraak maken voor een korte interventie en pas als we denken dat er meerdere sessies nodig zijn, moet er een apart budget aangevraagd worden. Zo had ze gehoord dat ik ingeschakeld kan worden om een keer mee te sparren, om dingen te bespreken waar je als werknemer mee kunt zitten

Fleur had sinds twee jaar een nieuwe manager, Wilma, voorheen een collega, maar nu dus haar leidinggevende. Ze konden het in het verleden redelijk met elkaar vinden, maar de relatie was veranderd. Fleur was gewend om zelf de dingen te regelen en te beslissen. Zo maakte ze beleidstukken en leverde die rechtstreeks aan de belanghebbenden. Subsidieaanvragen regelde ze zelf en ze hield de deadlines daarvoor zelf in de gaten. De laatste tijd werd ze echter steeds meer gecontroleerd door Wilma. Wilma wilde alles weten, was erg directief en wilde alles in de hand houden. Fleur was niet de enige die daar last van had. Niemand voelde zich meer vrij, iedereen voelde zich opgesloten. Fleur wierp zich in verschillende vergaderingen op als spreekbuis voor de rest van het team; zij stak haar kop boven het maaiveld uit. De spanningen liepen op en Fleur kreeg stressklachten. Ze sliep slecht, had veel hoofdpijn en kreeg een korter lontje. Naast haar werk studeerde ze nog in deeltijd aan de universiteit en sportte ze tweemaal in de week. De laatste weken echter kon ze zich hier niet meer toe zetten. Als ze thuiskwam van haar werk was ze doodmoe en na het eten lag ze uitgeteld op de bank. De week voordat Fleur bij me kwam had ze zich zelfs een dag ziek gemeld omdat ze geen zin had om te werken. Dit gedrag was haar vreemd, ze kende dit helemaal niet van zichzelf.

Ze had het besproken met collega’s, maar dat leverde haar alleen maar negatieve gevoelens op. De sfeer in het team werd er alleen maar slechter van. Ook had ze er met vrienden over gesproken, maar ook dat bracht geen oplossing. Ze was ten einde raad en realiseerde zich dat ze op een pad was beland waar ze nooit dacht te komen.

Gelukkig wist ze de weg naar mij te vinden. Samen hebben we een inventarisatie gemaakt van de zaken waar ze tegenaan liep. Bij iedere situatie hebben we gekeken naar haar rol daarin en vervolgens hebben we een plan gemaakt dat ze stukje bij beetje gaat uitvoeren. Dit weekend gaat ze haar studieboeken weer op de eetkamertafel leggen, met een grote vaas tulpen ernaast. Ook gaat ze haar piekergedachten te lijf met een eenvoudige oefening. Ze gaat nog niet sporten, maar ze leent dit weekend wel een hond om een stevige boswandeling mee te gaan maken

We zullen kijken of ze zonder verdere hulp het tij nog kan keren en of ze komende week uit de negatieve spiraal kan komen. Zo niet, dan moeten we bij haar werkgever een budget aanvragen voor een coachingstraject. Eind volgende week hebben we een telefonische afspraak om te kijken hoe de vlag erbij hangt ……………………….

 

Opm.: Ik denk dat het voor Fleur mogelijk om er zelf uit te komen en vind het erg goed dat ze voor de aanzet hiervan hulp heeft gezocht bij een externe bron. Ik zou het elke medewerker gunnen om op zo’n laagdrempelige manier even met iemand “van buiten” te kunnen praten.

Terug naar de E-zine